Skip to content

ISO 14064-1: Leidraad voor het berekenen van de CO2-voetafdruk van je organisatie

De ISO 14064-1 standaard biedt je een instrument om je broeikasgasemissies op een betrouwbare, heldere manier te meten, te beheren en te rapporteren. De standaard richt zich niet alleen op het berekenen van je uitstoot, maar ook op het verwijderen van je broeikasgasemissies door afvang of opslag.

ISO 14064-1 maakt deel uit van ISO 14064, een reeks internationale normen voor het meten en verifiëren van de uitstoot van broeikasgassen (GHG) door organisaties. De reeks bestaat uit drie delen:

  1. ISO 14064-1: Specificatie met richtlijnen op organisatieniveau voor kwantificering en rapportage van broeikasgasemissies en -verwijderingen
  2. ISO 14064-2: Specificatie met richtlijnen op projectniveau voor kwantificering, monitoring en rapportage van broeikasgasemissiereducties of versterkte broeikasgasverwijdering
  3. ISO 14064-3: Specificatie met richtlijnen voor de verificatie en validatie van broeikasgasverklaringen

De drie ISO 14064-delen bieden een gestructureerd kader voor emissiemonitoring, rapportage en verificatie door derden. Ze vullen andere emissieberekeningsnormen aan, zoals het Green House Gas Protocol. Emissies die zijn berekend volgens de ISO 14064-normen kunnen ook worden gebruikt als basis voor het vaststellen van wetenschappelijk onderbouwde emissiereductiedoelstellingen via initiatieven zoals de SBTi.

In deze leidraad richten we ons op ISO 14064-1, die gedetailleerde instructies geeft voor het ontwerpen, ontwikkelen, beheren en verifiëren van de broeikasgasinventaris van een organisatie.

Leidende principes

ISO 14064-1 beschrijft vijf kernprincipes om je te helpen een GHG-inventaris op te bouwen die nauwkeurig, consistent en helder is. Dit zijn:

  • Relevantie: Zorg ervoor dat je alle gegevens opneemt die nodig zijn voor nauwkeurige rapportage.
  • Volledigheid: Houd rekening met alle emissies en verwijderingen van je bedrijfsactiviteiten.
  • Consistentie: Hanteer consistente methoden om betrouwbare vergelijkingen over langere periodes mogelijk te maken.
  • Nauwkeurigheid: Minimaliseer fouten en onzekerheden waar mogelijk.
  • Transparantie: Documenteer je aannames, bronnen en methoden duidelijk, zodat anderen je aanpak kunnen begrijpen en verifiëren.

Berekening en rapportage volgens ISO 14064-1

1. Definieer organisatorische kaders

Broeikasgasemissies kunnen afkomstig zijn uit meerdere uitstoot-afvang- en/of opnamelocaties. Daarom is het belangrijk om alle bronnen en verwijderingen van broeikasgasemissies op locatieniveau te consolideren.

ISO 14064-1 biedt twee methoden voor het bepalen van je kader:

  1. Emissies van alle locaties, in eigendom van of direct gecontroleerd door de organisatie, worden verantwoord, of
  2. Een deel van de broeikasgasemissies van elke locatie is toe te schrijven aan de organisatie op basis van eigendomsverhouding van de aandelen (equity share).

De gekozen aanpak moet in overeenstemming zijn met het beoogde gebruik van de broeikasgasinventaris, zoals het interne beheer van broeikasgasemissies, externe rapportage (al dan niet met assurance) en deelname aan broeikasgasreductieprogramma’s.

2. Stel rapportagekaders vast

Zodra je de reikwijdte van je organisatie hebt gedefinieerd, is het tijd om de kaders van je rapport te bepalen. De kaders moeten goed gedocumenteerd zijn en de identificatie van alle directe en indirecte broeikasgasemissies en -verwijderingen bevatten. De emissies kunnen vervolgens worden samengevoegd in zes broeikasgascategorieën (koolstofdioxide (CO₂), methaan (CH₄), lachgas/distikstofoxide (N₂O), fluorkoolwaterstoffen (HFK’s / HFC’s), perfluorkoolwaterstoffen (PFK’s / PFC’s) en zwavelhexafluoride (SF₆)) en op locatieniveau worden gerapporteerd.

3. Kwantificeer broeikasgasemissies en -verwijderingen

Om je emissies te kwantificeren, begin je met het kiezen van een methode: meet je ze direct of gebruik je een calculatiemodel? De gekozen aanpak moet nauwkeurige, consistente en reproduceerbare resultaten kunnen opleveren. Als er voor een modelleringsaanpak wordt gekozen, moet er duidelijke documentatie worden verstrekt over hoe het model de emissies en verwijderingen nauwkeurig weergeeft. Ook moeten de beperkingen en onzekerheden van het model worden beschreven. Wordt ervoor gekozen om emissies direct te meten, dan kunnen zowel primaire als secundaire gegevens worden gebruikt.

4. Stel een inventaris voor het referentiejaar op

Een historisch basisjaar dient als referentiepunt voor toekomstige vergelijkingen. Heb je de uitstoot nog niet eerder bijgehouden? Geen probleem: je eerste inventaris kan dienen als je referentiejaar. Aanpassingen van het referentiejaar kunnen nodig zijn als er sprake is van belangrijke structurele wijzigingen in de verslaglegging of in de bepaling van organisatorische kaders. Ook kan aanpassing nodig zijn als er methodologische updates zijn of rekenfouten zijn ontdekt.

5. Identificeer en kwantificeer mitigerende activiteiten

Als je organisatie initiatieven voor emissiereductie realiseert (bijvoorbeeld bebossing, verbetering van de energie-efficiëntie of koolstofafvang en -opslag), moeten deze worden gekwantificeerd. Bovendien moeten alle gekochte of ontwikkelde compensaties voor broeikasgasemissies worden gerapporteerd. Tot slot moeten de doelstellingen voor het terugdringen van de uitstoot gedetailleerd worden beschreven.

6. Zorg voor kwaliteitsbeheer van de inventaris

Zodra informatie over je broeikasgasemissies en -verwijderingen is verzameld, berekend en gedocumenteerd, is het belangrijk dat je een effectief beheersysteem invoert en onderhoudt voor je broeikasgasinventaris. ISO 14604-1 zet de eisen hiervoor uiteen.

7. Maak een broeikasgasinventarisatierapport en dien het in

Als je wilt dat je broeikasgasinventaris wordt geverifieerd, of als je van plan bent publiekelijk te verklaren dat je voldoet aan IS014064-1:2018, is een begeleidend broeikasgasrapport vereist. De aanbevolen structuur hiervoor vind je in de ISO-standaard. Het rapport behandelt aspecten zoals methodologische keuzes, details van de gekwantificeerde directe en indirecte broeikasgasemissies, een onzekerheidsanalyse en de waarden voor de bijdrage aan klimaatverandering (GWP), gebruikt voor de berekening.

Ecomatters Ondersteuning

Bij Ecomatters hebben we meer dan tien jaar ervaring in het kwantificeren en rapporteren van broeikasgasemissies. Als je bedrijf of organisatie ondersteuning nodig heeft bij ISO 14064-1 compliance, staan onze experts voor je klaar. Neem contact met ons op of plan een adviesgesprek en zet de volgende stap richting nauwkeurige en heldere broeikasgasrapportage.

Onze vakkennis

Contact

Brienne Wiersema

Brienne Wiersema

Sustainability Consultant

Wouter van Kootwijk

Sustainability Consultant

Bel met onze consultant

Wil je meer weten over hoe wij kunnen helpen? Plan een gesprek in met een van onze adviseurs om je vragen te stellen.

Back To Top